Coelo rapport afschaffen ozb-vrijstelling cultuurgrond

De redenen waarom cultuurgrond ooit werd vrijgesteld van de onroerendezaakbelasting zijn inmiddels achterhaald. Dit kan reden zijn om deze vrijstelling te heroverwegen. De vrijstelling leidt tot economische ondoelmatigheden: de prijzen van landbouwgrond zijn hierdoor hoger dan economische factoren rechtvaardigen.

De werkgroep Herziening gemeentelijk belastinggebied (2020), onderdeel van het Bouwstenentraject voor een beter belastingstelsel van het ministerie van Financiën, presenteert het laten vervallen van ozb-vrijstellingen als één van de opties om het belastinggebied uit te breiden.

In dit rapport is onderzocht welke gevolgen afschaffing van deze vrijstelling zou hebben voor individuele gemeenten. Die gevolgen verschillen omdat de ene gemeente veel cultuurgrond binnen zijn grenzen heeft en de andere weinig tot geen. Ook verschilt de waarde van de grond.

Dit onderzoek is bekostigd door het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Het volledige rapport is hier te vinden. Het bijbehorende databestand staat hier.

2 september 2021

De gemeentefinanciën zijn onhoudbaar

Maarten Allers, directeur van COELO en hoogleraar aan de Rijksuniversiteit Groningen, betoogt vandaag in het vakblad ESB dat bij de formatie meer geld moet worden uitgetrokken voor gemeenten. Veel gemeenten zijn door hun reserves heen en proberen hun begrotingen met kunstgrepen sluitend te maken. Verdere bezuinigingen bij gemeenten verschralen het voorzieningenniveau en maken het moeilijk om landelijke beleidsdoelen bij bijvoorbeeld woningbouw en energietransitie te halen.

De manier waarop gemeenten worden bekostigd moet fundamenteel anders. Het bestaande ‘systeem’ van koppeling van het Gemeentefonds aan de ontwikkeling van de rijksuitgaven, gecombineerd met onvoldoende compensatie bij taakoverheveling en af en toe een ongefundeerde korting, heeft gemeenten financieel onverantwoord krap gezet.

Een transparante inhoudelijke afweging van kosten tegen baten ontbreekt. We vinden jeugdzorg belangrijk, en de media komen regelmatig met schrijnende gevallen die door geldgebrek veroorzaakt lijken. Hebben we daar extra geld voor over, en zo ja hoeveel? Koppeling van het Gemeentefonds aan de rijksuitkering werkt alleen op de korte termijn. Periodiek moet er expliciet een inhoudelijke, politieke afweging worden gemaakt.

Maar de noodzaak van een fundamentele verandering mag geen reden zijn om te verzuimen de bestaande financiële krapte aan te pakken. Niet morgen, maar nu.

Lees hier het artikel dat is verschenen in ESB.

19 mei 2021

Voorkomen begrotingsproblemen gemeenten vergt uitgekiend beleid

In de economische theorie is de consensus dat gemeenten in nood niet moeten worden gered door ze extra geld te geven, omdat dit wanbeleid zou stimuleren. Maarten Allers en Joes de Natris onderzochten of dit in de praktijk ook zo is. Wat blijkt? Een no-bailoutbeleid is niet voldoende en ook niet noodzakelijk voor verantwoord gemeentelijk begrotingsbeleid. Wat wel werkt is voldoende financiële ondersteuning, begrotingsregels, toezicht, tijdige interventie, en ‘straf’ bij een bailout.

De onderzoeksuitkomsten bevatten een duidelijke waarschuwing voor Nederland. Een belangrijke succesfactor van het beleid, voldoende financiële middelen voor alle gemeenten, lijkt de laatste jaren te zijn losgelaten. Bij de decentralisaties in het sociale domein zijn bijvoorbeeld grote bezuinigingen opgelegd. Veel gemeenten zijn nu door hun bezuinigingsmogelijkheden en hun reserves heen en begroten, tegen de regels in, tekorten.

Dit doet sterk denken aan de toestand in verschillende Duitse deelstaten, waar gemeenten ook taken kregen opgelegd met te weinig middelen om ze uit te voeren. Bailouts werden in dat land, naar buiten toe een toonbeeld van financiële discipline, endemisch. Dat was in Nederland vroeger trouwens ook zo. Als we daar niet naar terug willen, zullen gemeenten meer middelen moeten krijgen. Via hogere rijksuitkeringen of de mogelijkheid om zelf meer belasting te heffen.

Lees hier het samenvattende artikel in Me Judice. Lees hier het volledige hoofdstuk (Engelstalig) dat is verschenen in dit boek.

19 mei 2021

Dag van de financiële verhoudingen 2021

COELO-directeur Maarten Allers was een van de sprekers op de Dag van de financiële verhoudingen, die dit jaar online plaatsvond. Hij gaf zijn reactie op het advies Rust, reinheid en regelmaat. Evenwicht in de bestuurlijk-financiële verhoudingen van de Raad voor het openbaar bestuur. U kunt dit symposium hier terugkijken.

22 april 2021

Woningmarktmodel CPB ongeschikt voor beoordelen beleid

Met het woningmarktmodel van het Centraal Planbureau worden de effecten geschat van beleidsplannen op bijvoorbeeld huren, nieuwbouw en welvaart. Het wordt onder meer gebruikt bij kabinetsformaties. Door verschillende beperkingen is dit model echter niet geschikt voor analyses van plannen voor de huurmarkt.

Vooronderstellingen in het model zijn onvoldoende onderbouwd en in het verleden onjuist gebleken, het model abstraheert van verschillende cruciale institutionele factoren, en wat als welvaartseffecten wordt gepresenteerd zegt niets over de wenselijkheid van de geanalyseerde beleidsopties.

Waar het gaat om de manier waarop woningcorporaties zullen reageren op beleidsvoorstellen als het verlagen van de verhuurderheffing is het belangrijk om te weten dat dergelijke gedragsreacties als vooronderstellingen in het model zijn opgenomen. Ze volgen niet uit het model. Het is dus niet juist om ze als uitkomsten te interpreteren. Maar zo worden ze wel gepresenteerd.

Om inzicht te bieden in het effect van beleidsvoorstellen gericht op vergroting van het woningaanbod is het model ook niet geschikt. Dat komt doordat het veronderstelt dat het woningaanbod uitsluitend toeneemt als de woningprijzen stijgen. De belangrijke rol van woningcorporaties bij het ontwikkelen van woningen wordt in het model genegeerd.

Ten slotte is het onduidelijk wat door het CPB gepresenteerde welvaartseffecten zeggen over de wenselijkheid van beleidsvoorstellen. Bij het bepalen van welvaartseffecten wordt gedaan alsof wonen geen bemoeigoed is zoals bijvoorbeeld ook onderwijs, maar een gewoon goed zoals een skivakantie. Subsidiëring leidt dan altijd tot overconsumptie en dus tot welvaartsverlies. Subsidiëring van bemoeigoederen kan daarentegen welvaartsverhogend zijn. Daarnaast wordt genegeerd dat negatieve effecten voor de inkomensverdeling slechts ten dele kunnen worden gerepareerd en dat aan die reparatie kosten verbonden zijn.

Dit onderzoek is uitgevoerd door Maarten Allers (COELO) en Johan Conijn (Finance Ideas) in opdracht van Aedes.

Het volledige rapport is hier te lezen. Lees hier het artikel in ESB.

21 april 2021