Onderzoek naar de kostenvergoeding voor bedrijven die woz-bezwaren indienen

Coelo heeft in opdracht van de VNG onderzoek gedaan naar de kostenvergoeding die bedrijven ontvangen als zij namens belanghebbenden bezwaar maken tegen de woz-waarde. Uit het onderzoek blijkt dat de vergoeding niet meer aansluit bij de kosten van deze bedrijven. Dit komt onder meer doordat bezwaren in veel grotere mate geautomatiseerd kunnen worden ingediend dan toen vergoedingsregeling van kracht werd (1995) en doordat hoorzittingen weinig tijd kosten. Daarnaast blijkt uit het onderzoek dat de vergoedingsstructuur ongewenste prikkels bevat. Het is bij de huidige vergoedingsstructuur winstgevend voor een bedrijf om ook bezwaar aan te tekenen in gevallen die weinig kans maken.

 

Jaarlijks versturen gemeenten miljoenen beschikkingen waarop wordt vermeld hoe hoog de woz waarde van gebouwen is. De eigenaar of de huurder kan hiertegen bezwaar aantekenen. Iemand kan dit zelf doen, maar steeds vaker worden hiervoor gespecialiseerde bedrijven ingeschakeld. Die werken vaak op basis van no cure no pay. Bij bezwaren over de waarde van woningen betaalt een belanghebbende niets. Als een bezwaar geheel of gedeeltelijk wordt gehonoreerd, ontvangt een bedrijf een kostenvergoeding van de gemeente. Dit is geregeld in het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb).

Gemeenten betalen een steeds hoger bedrag aan kostenvergoedingen. Ook leggen de bezwaren die worden ingediend door bedrijven een steeds groter beslag op de uitvoeringscapaciteit bij gemeenten. Onder verantwoordelijkheid van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) is hier onderzoek naar gedaan. Het onderzoeksrapport van februari 2021 beantwoordt een van de hoofdvragen echter niet.

Die vraag luidt: “Wat is de verhouding tussen de hoogte van de vergoedingen voor verschillende proceshandelingen en de werkelijke kosten die met die proceshandelingen zijn gemoeid?”. De achterliggende vraag is of het huidige vergoedingssysteem op basis van het Bpb bedrijven prikkelt om te veel bezwaren in te dienen, en dus aanpassing behoeft. Om hier toch een beeld van te krijgen heeft de VNG Coelo benaderd. Vandaag verschijnt het rapport waarin de resultaten van dit onderzoek worden gepresenteerd.

U vindt het rapport hier.

Voor vragen over het onderzoek kunt u contact opnemen met Corine Hoeben, 050-3633766

9 november 2021

Verhuurderheffing ter discussie

De opnieuw oplaaiende discussie over de verhuurderheffing maakt de evaluatie van deze belasting door COELO opnieuw actueel. Het demissionaire kabinet overweegt de controversiële verhuurderheffing met 500 mln euro te verlagen, maar woningmarktdeskundige Hugo Priemus schrijft vandaag in de NRC dat deze helemaal moet worden afgeschaft. Hij verwijst daarbij naar de evaluatie die COELO eerder uitvoerde. De conclusies daaruit – kortweg: afschaffen – sneeuwden destijds onder. Ze kwamen politiek niet goed uit, bovendien was het Centraal Planbureau positief over de heffing. Naar later bleek op basis van een model dat op verkeerde vooronderstellingen was gebaseerd, zoals Maarten Allers en Johan Conijn eerder dit jaar lieten zien.

 

8 oktober 2021

Coelo rapport afschaffen ozb-vrijstelling cultuurgrond

De redenen waarom cultuurgrond ooit werd vrijgesteld van de onroerendezaakbelasting zijn inmiddels achterhaald. Dit kan reden zijn om deze vrijstelling te heroverwegen. De vrijstelling leidt tot economische ondoelmatigheden: de prijzen van landbouwgrond zijn hierdoor hoger dan economische factoren rechtvaardigen.

De werkgroep Herziening gemeentelijk belastinggebied (2020), onderdeel van het Bouwstenentraject voor een beter belastingstelsel van het ministerie van Financiën, presenteert het laten vervallen van ozb-vrijstellingen als één van de opties om het belastinggebied uit te breiden.

In dit rapport is onderzocht welke gevolgen afschaffing van deze vrijstelling zou hebben voor individuele gemeenten. Die gevolgen verschillen omdat de ene gemeente veel cultuurgrond binnen zijn grenzen heeft en de andere weinig tot geen. Ook verschilt de waarde van de grond.

Dit onderzoek is bekostigd door het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Het volledige rapport is hier te vinden. Het bijbehorende databestand staat hier.

2 september 2021

De gemeentefinanciën zijn onhoudbaar

Maarten Allers, directeur van COELO en hoogleraar aan de Rijksuniversiteit Groningen, betoogt vandaag in het vakblad ESB dat bij de formatie meer geld moet worden uitgetrokken voor gemeenten. Veel gemeenten zijn door hun reserves heen en proberen hun begrotingen met kunstgrepen sluitend te maken. Verdere bezuinigingen bij gemeenten verschralen het voorzieningenniveau en maken het moeilijk om landelijke beleidsdoelen bij bijvoorbeeld woningbouw en energietransitie te halen.

De manier waarop gemeenten worden bekostigd moet fundamenteel anders. Het bestaande ‘systeem’ van koppeling van het Gemeentefonds aan de ontwikkeling van de rijksuitgaven, gecombineerd met onvoldoende compensatie bij taakoverheveling en af en toe een ongefundeerde korting, heeft gemeenten financieel onverantwoord krap gezet.

Een transparante inhoudelijke afweging van kosten tegen baten ontbreekt. We vinden jeugdzorg belangrijk, en de media komen regelmatig met schrijnende gevallen die door geldgebrek veroorzaakt lijken. Hebben we daar extra geld voor over, en zo ja hoeveel? Koppeling van het Gemeentefonds aan de rijksuitkering werkt alleen op de korte termijn. Periodiek moet er expliciet een inhoudelijke, politieke afweging worden gemaakt.

Maar de noodzaak van een fundamentele verandering mag geen reden zijn om te verzuimen de bestaande financiële krapte aan te pakken. Niet morgen, maar nu.

Lees hier het artikel dat is verschenen in ESB.

19 mei 2021

Voorkomen begrotingsproblemen gemeenten vergt uitgekiend beleid

In de economische theorie is de consensus dat gemeenten in nood niet moeten worden gered door ze extra geld te geven, omdat dit wanbeleid zou stimuleren. Maarten Allers en Joes de Natris onderzochten of dit in de praktijk ook zo is. Wat blijkt? Een no-bailoutbeleid is niet voldoende en ook niet noodzakelijk voor verantwoord gemeentelijk begrotingsbeleid. Wat wel werkt is voldoende financiële ondersteuning, begrotingsregels, toezicht, tijdige interventie, en ‘straf’ bij een bailout.

De onderzoeksuitkomsten bevatten een duidelijke waarschuwing voor Nederland. Een belangrijke succesfactor van het beleid, voldoende financiële middelen voor alle gemeenten, lijkt de laatste jaren te zijn losgelaten. Bij de decentralisaties in het sociale domein zijn bijvoorbeeld grote bezuinigingen opgelegd. Veel gemeenten zijn nu door hun bezuinigingsmogelijkheden en hun reserves heen en begroten, tegen de regels in, tekorten.

Dit doet sterk denken aan de toestand in verschillende Duitse deelstaten, waar gemeenten ook taken kregen opgelegd met te weinig middelen om ze uit te voeren. Bailouts werden in dat land, naar buiten toe een toonbeeld van financiële discipline, endemisch. Dat was in Nederland vroeger trouwens ook zo. Als we daar niet naar terug willen, zullen gemeenten meer middelen moeten krijgen. Via hogere rijksuitkeringen of de mogelijkheid om zelf meer belasting te heffen.

Lees hier het samenvattende artikel in Me Judice. Lees hier het volledige hoofdstuk (Engelstalig) dat is verschenen in dit boek.

19 mei 2021